Wedstrijden van het eerste team
Het eerste team speelde tegen HSP/Veendam. Met onze twee nieuwe spelers, Mariska en Juan was het team met gemiddeld op elk bord 100 ratingpunten hoger duidelijk de favoriet. Juan speelde op bord 1 een ingewikkelde partij met het loperpaar. Uiteindelijk is de partij eindigde in een solide remise.
Op bord 4 speelde Yannic op het live bord. Helaas was het na veel moeite niet gelukt om deze te verbinden. Na deze valse start begon Yannic zijn partij. Yannic week iets af van zijn standaard repertoire waardoor zwart al snel de stelling gelijk heeft getrokken. Al vlotjes werden er stukken geruild. Na 15 zetten bleef er al niet veel meer over: beide spelers hadden nog 6 pionnen, 2 torens een koning en een dame. Het vooruitzicht is een taai eindspel waarin bewezen moet worden over de geïsoleerde pion van wit op d4, of de achtergebleven pion van zwart zwakker is. Na een paar zetten manoeuvreren eindigt de partij na een remiseaanbod van zwart gelijk. De computer evalueert 0.00. Echter prefereer ik de gehele partij de zwarte stelling, maar dat zal een kwestie van smaak zijn. Voor de spelers en het resultaat is mijn voorkeur niet relevant, beide een nauwkeurigheid rond de 95% een vlotte remise gespeeld.
Op bord 7 heeft Marcel, nadat er heel wat geschoven is, zijn voordeel verloren en staat wit zelfs beter. Marcel heeft een witte loper die ingesloten is door zijn eigen pionnen. De zwarte loper staat dus inactief. De loper op d3 staat daarentegen wat actiever maar dit lijkt voorlopig nog niet zo gemakkelijk uit te buiten. Een beoordeling met de termen ‘goede loper’ en ‘slechte loper’ wordt vaker gebruikt. Maar naar mijn mening is dat wat onzinnig. Beter is te spreken over actief en inactief. Hierbij is het belangrijk om een plan te bedenken voor de lange termijn. Als we vanuit het perspectief van wit naar de stelling kijken is het plan als volgt: pionnen op de zwarte velden zetten en de druk proberen op te voeren op b7. Zwart wil zijn pionnen ook op de zwarte velden zetten na g6-g5 en f5-f4. Logisch lijkt mij om als wit dit plan direct te verhinderen door f3-f4 te spelen en alle zwarte pionnen ‘vast te zetten’ op de witte velden. De achtergebleven pion is niet zo’n groot probleem. Bijvoorbeeld na …Lc8 kan wit Te1 spelen en zo staat alles netjes verdedigd. Dan blijkt dat zwart niet zoveel meer kan doen dan wachten.
In de partij speelt wit e3-e4 gepaard met een remiseaanbod. Waarom zou wit de stelling willen openen? De toren op a1 staat inactief. Logisch is om eerst de stelling te verbeteren met zetten als f3-f4, Te1 of Tb1. Daarna zou wit, indien gewenst de stelling altijd nog open kunnen breken. Door direct de stelling te openen geeft wit de e- en f- lijn in de handen van zwart. Opeens ziet het eruit dat wit degene is die moet hopen op remise.
Na Lxa2 mag het dan wel duidelijk zijn. Zwart heeft het initiatief en de betere pionstructuur. De partij is dicht bij remise, maar zwart heeft een voordeeltje.
Tab1 is de beslissende fout. Beter was om de loper af te ruilen. Het resterende eindspel is dan met de juiste verdediging remise.
Marcel wint een pion, staat actief en wit moet na het verliezen van de tweede pion de handdoek in de ring gooien.
Na de analyse van het interessante eindspel van Marcel realiseer ik me dat ik mijn ontbijt helemaal ben vergeten. Het kopje koffie is gelukkig wel aan gedacht. Ik geloof dat men in zo’n geval moet afvragen waar diens prioriteiten liggen. Enfin, we gaan door met de partij van Peter. Peter mocht het met zwart opnemen tegen Wiebe. Na de opening heeft wit een klein voordeel opgebouwd. Peter offert zijn e-pion voor activiteit, maar wit weigert dit offer. Beter was dit offer te accepteren. De stelling is nu weer in balans. De partij eindigt later in remise.
Dan de partij van Edwin. Na de opening is de stelling in balans. Op zet 16 speelt Edwin Pd7- Pe5. Hij mist dat zijn d- pion gepend staat. Wit slaat met Lxc5 een pion. Hierna besluit Edwin snel een agressieve aanval op de koningsvleugel te beginnen. Hoewel de aanval van zwart, als de verdediging van wit, misschien niet helemaal nauwkeurig zijn geweest, kunnen we zeggen dat Edwin aan het langste eind heeft getrokken. Hij weet een eindspel met ongelijke lopers in te gaan. Wit heeft wel een extra pion, maar Edwin verdedigt keurig. Hij bereikt een vesting en de partij eindigt in remise.
Op dit moment staat het team met 4-2 voor. Het eerste matchpunt is veilig gesteld. Storm en Matthias mogen nog even buffelen voor het tweede punt. Dit lijkt een pittige opgave te worden, want beide spelers staan er niet rooskleurig voor. Desondanks houden de teamgenoten hoop op de overwinning.
Na 14 goede zetten in de partij van Matthias maakt Matthias een fout waardoor de tegenstander op briljante wijze een stuk kan winnen door het gebruik van een dubbele penning. Dit is gemakkelijk over het hoofd te zien, en het wordt in de partij ook niet gevonden. De stelling is weer in balans. Even later offert Matthias zijn pion op b2. Het juiste plan voor wit is om Dc4 te spelen en zwart van rokade af te houden. Matthias krabbelt hier na Tb2 van terug omdat hij toch niet helemaal zeker is. Dit is zeker begrijpelijk, want het spel blijft complex na 1. Dc4 – Txc2 2. Dxc6+ – Kf7 3. Tac1 – Txc1 4. Dc4+ – e6 5. Txc1. Wit staat actief maar moet bewijzen dat hij genoeg compensatie heeft voor de pion.
In de partij speelt Matthias zijn paard naar e4. Enkele zetten later komen we in een interessant eindspel waar Matthias zijn pion naar f5 speelt. (diagram 2) Dit is een interessant, en uiteraard een goed idee. De stelling is dynamisch in balans en beide partijen hebben genoeg om voor te spelen. Wanneer de tijd tikt en Matthias tijdnood nadert maakt hij een rekenfout met Tab1. Hiermee verliest hij een pion. Matthias verdedigt stug maar de extra pion kost hem uiteindelijk de partij.
De tussenstand is nu 4-3. De spanning is om te snijden. Alle hoop is nu gevestigd op Storm. Ook Storm staat minder. Na een foutje van zwart in de opening heeft Storm een comfortabel voordeel. Op zet 14 speelt zwart een schijnoffer, waar Storm incorrect op reageert.
Hij moet het stuk weer teruggeven, maar de vraag is op welke manier. Hij kiest ervoor om het loperpaar te behouden en ruilt zijn paard tegen de (zwakke) pion op d6. Beter was het paard terug te spelen naar d3 en de loper op e3 in te laten sluiten. In de partij houdt zwart een ruimtevoordeel op de koningsvleugel, mede dankzij de pionnen op e5 en f5. Storm is niet voor een gat te vangen en speelt zich knap naar een gelijk eindspel. Na enkele onnauwkeurige zetten komt zwart een pion voor te staan. Zwart staat beter, maar je moet het maar laten zien hoe je het eindspel moet uitspelen. Op zet 51 maakt Storm een rekenfout. Hij offert zijn loper tegen de pion op g5 in de overtuiging dat het resterende eindspel remise is. Na een reeks ‘enige zetten’ (andere zetten zijn verliezend) maakt hij de fout door Ld5 te spelen. Gelukkig weet zwart hier geen gebruik van te maken, de witte koning mag het veld b5 betreden. Volgens de computer staat het weer gelijk. Op zet 59 speelt Storm te gehaast a5. Na ..Ld7 + 2. Ka6 – b5 is het einde oefening. Maar dan: er wordt 61 ..Lc8 + gespeeld! Wit blundert de pion en het eindigt in remise. Het was even schrikken, twee keer door het oog van de naald maar op het nippertje is de einduitslag 4,5- 3,5 in het voordeel van Almelo.
Wist je dat?
Wist je dat het woord ‘schaakmat’ is afgeleid van Perzische en Arabische termen die verband houden met het verslagen worden van de koning of diens onvermogen om te ontsnappen? Een veel gehoorde bewering is dat het ‘de koning is dood’ betekent. Deze bewering is misleidend. In het moderne schaakspel eindigt de partij met schaakmat, zonder dat de koning daadwerkelijk wordt geslagen.
Wedstrijden van het tweede team
Ook bij het tweede team zijn interessante dingen voorbij gekomen. Om te beginnen de partij van Egbert. Egbert kreeg al gauw na de opening een comfortabele stelling. Na lange rokade van wit kon hij gratis de pion op a2 meesnoepen met Lxa2. Daarna ging het snel bergafwaarts voor de witspeler. Egbert wist na 27 zetten overtuigend te winnen.
Geert mocht het met wit opnemen tegen Niels van der Mark. Uit de opening kreeg hij een leuke aanvalsstelling. De aanval resulteerde snel in een afwikkeling naar het eindspel met een voordeeltje voor wit. Zwart mist de enige kans op een gelijke stelling te krijgen na het onnauwkeurige 25. Kd4. Neem de tijd, kijk wat er gaande is in de stelling en probeert u juiste zet te vinden voor zwart.
Het idee is om de pion op e5 onder vuur te nemen. Dit kan met een leuke manoeuvre:
Pd7- b8 – c6 en het staat gelijk. In de partij wordt dit over het hoofd gezien en er wordt Pf8 gespeeld. De witte toren veroverde de c-lijn. Het paard werd geruild op g5. De langzame dood sterven was geen optie voor zwart. Hij speelt zijn b-pion op. Dit bleek de beslissende fout. Drie zetten later volgde opgave.
Youri wist in de opening een leuke stelling te krijgen en kwam comfortabel te staan. Ondanks zijn ruimtevoordeel leek de partij op remise af te stevenen. Omdat zijn tegenstander weinig tijd op de klok had, was Youri te gefocust op de klok. Hij zag mat over het hoofd.
Humphrey kreeg na de opening een mooie stelling . Het probleem was dat hij na 20 zetten al in tijdnood kwam wat ten koste ging van de zetkwaliteit. Hij gaf het voordeel uit handen en mocht verdedigen. Zwart wist haar voordeel niet uit te buiten en Humphrey draaide dit om in een overwinning.
Ik mocht het opnemen tegen Rob van Helvoort. Hij speelde een eindspelvariant en ik kwam direct al comfortabel te staan in een typische stelling met een geïsoleerde pion op d4. Ik koos ervoor om mijn paard via c6-b4 naar d5 te spelen. Mijn plan is de lichte stukken te ruilen en het eindspel te winnen door de geïsoleerde pion uit te buiten. Wit moet dit voorkomen door op de aanval te spelen. Hij probeert dit door zijn pionnen op de koningsvleugel naar voren te spelen. Na 16. f4 kies ik voor een kwaliteitsoffer. De computer was geen fan, maar we weten dat de computer altijd correct verdedigt.
- Het paard controleert d5 , als ik het paard afruil krijg ik de hele partij controle over d5
- De pion op d4 blijft een zwakte
- Mijn loper wordt actief via b4 of h4
- Mijn witte loper kan controle nemen over de verzwakte witte velden op de koningsvleugel. Wit kan dit voorkomenom zijn enige actieve stuk, het paard op e5 af te ruilen.
- Mijn stelling is stabiel zonder zwaktes
- Mijn zetten komen erg natuurlijk, waardoor wit op zoek moet naar een adequaat plan om te verdedigen.
Na deze 6 punten was ik overtuigd om Txc3 te spelen. Wit speelt vervolgens a3, om te verhinderen dat mijn loper via b4 actief komt. Dit geeft mij de controle over de witte velden.
Na 24 ..Lxa3 25. Dg3 – Dxg3 had ik bedacht dat dit eindspel een stuk beter was voor mij. De computer was het hier niet mee eens. (evaluatie -0,1) Na 32. ..Pb4 33. La3 staat wit verloren. Nodig was 33. h4, wit moet zijn loper naar f4 spelen en bereikt een vesting. Na La3 is er geen redden meer aan. Hij probeert nog wat, maar na 44. ..Pf4 is het mat.
Jayden kon na een geode opening afwikkelen naar een eindspel met een pion meer. Die extra pion was dan wel een geïsoleerde dubbelpion op c4, maar zijn tegenstander ruilde die pion tegen de pion op b7. Wat resulteerde was een toreneindspel waarin Jayden een extra vrijpion op c3 had. Jayden heeft laten zien te beschikken over een goede eindspeltechniek en wist 31 zetten later te winnen.
Ben kwam na een paar onnauwkeurigheden niet helemaal lekker uit de opening waardoor zwart snel het voordeel kreeg. Gelukkig mocht Ben de dames afruilen en kwam actief te staan. Zijn activiteit compenseerde tegen het loperpaar van zwart. Na de afwikkeling tot een eindspel met ongelijke lopers hadden de spelers remise besloten.
Jay Giani wist in de opening controle over het centrum te krijgen en stond iets beter. Hij wist het loperpaar te bemachtigen en stond iets beter. Een paar zetten later werd de koningsvleugel geopend. Helaas wist Jay Giani niet het winnende plan te vinden. Na de afwikkeling speelde Jay Giani zijn toren direct naar de vierde rij, waarna wit alles kon verdedigen. Noodzakelijk was de toren naar de tweede rij te spelen met pionwinst. Een paar zetten later eindigt het in remise. Het tweede team wint met 6-2.
Raad de zet!
In onderstaand diagram is er 1 zet die een groot voordeel voor wit oplevert. De oplossing vindt u terug in de volgende schaakbode.
De eerste KNSB ronde van het seizoen zit er al weer op en we kunnen terugkijken op een mooie start van het seizoen. Almelo wist met 4,5 – 3,5 na een spannende wedstrijd te winnen. Het tweede team begon uitstekend door overtuigend met 6-2 te winnen.
Met vier teams in de KNSB-competitie belooft het in ieder geval een interessant seizoen te worden. Daarbij is het mooi om te zien dat niet alleen het aantal spelers, maar ook de belangstelling rondom de vereniging groeit. Hopelijk weten steeds meer mensen de weg naar onze wedstrijden te vinden
Op naar de volgende ronde op 3 oktober 2026.
- Team 1 speelt uit tegen SISSA 1
- Team 2 speelt uit tegen Wageningen 3
- Team 3 speelt uit tegen DSG Pallas 2
- Team 4 speelt uit tegen DSG Pallas 3
Nieuwe partijen, nieuwe kansen en hopelijk opnieuw veel mooie momenten achter het bord!
Tot de volgende schaakbode!
